U bent hier

Globalisering

Globalisering

Ver weg maar dichtbij

Grootschalige migratiestromen. Criminele netwerken die internationaal opereren. Problemen in fragiele staten ver weg. Ons werken aan recht en veiligheid kan al lang niet meer ophouden bij de landsgrenzen. We moeten in multinationale netwerken samenwerken. Wat betekent dat voor onze organisatie? En hoe en met wie werken we samen?

‘Erasmusbrug kleurt rood van de honderden Turkse vlaggen’, twitterde Radio Rijnmond op zaterdagmiddag 16 juli 2016. Een dag eerder was in Turkije een couppoging verijdeld. De demonstranten betuigden hun steun aan de Turkse democratie en president Erdogan. Sindsdien is het onrustig in Nederlands-Turkse kringen. 

 

Het is een voorbeeld van hoe in Nederland recht en veiligheid steeds meer verweven raken met wat elders in de wereld gebeurt. Spanningen in Turkije, of andere delen van de wereld, kunnen in zeer korte tijd leiden tot spanningen in Nederland. Dat kan weer bijdragen aan meer internationale spanning. Zo kan bijvoorbeeld de Turkijedeal weer onderwerp van discussie worden. Wat weer gevolgen zou kunen hebben voor het vluchtelingenvraagstuk in Nederland.   
Door de wereldwijde digitale communicatie en het sterk toegenomen internationale reisgedrag leven we in een netwerk van internationale afhankelijkheden. Ook speelt een rol dat steeds meer Nederlanders familie en kennissen in andere landen hebben waarmee ze verbonden zijn.   

We willen voorkomen dat spanningen in andere landen onze veiligheid en openbare orde verstoren. We zullen moeilijk grijpbare, internationale criminele netwerken moeten bestrijden die, dankzij de grenzeloze mogelijkheden van digitale communicatie, actief zijn in terrorisme, mensensmokkel, wapenhandel, drugs- en cybercriminaliteit. Hoe pak je dat aan?

Een manier is om juist daar waar die netwerken ontstaan en woekeren (vaak zogeheten 'fragiele staten'), te zorgen voor goede instituties. Functionerende rechtbanken, betaalbare advocaten, betrouwbare politie, toegankelijke procedures om geschillen op te lossen. VenJ helpt daaraan mee, samen met andere nationale organisaties en ‘non state actors’.

De ‘Turkije-deal’ werd in maart 2016 gesloten. De EU en Turkije spraken af dat Turkije vluchtelingen uit Griekenland zou terugnemen. Turken zouden binnenkort visumvrij naar Europa kunnen reizen en de onderhandelingen tussen Turkije en de EU over toetreding tot de EU worden versneld.

 

Zo’n non-state actor is HiiL, het in Den Haag gevestigde juridisch innovatie-instituut. HiiL wil op zo veel mogelijk plekken in de wereld toegang tot het recht realiseren. ‘Want juist dát brengt stabiliteit en vormt een belangrijk fundament voor welvaart’, zegt HiiL-CEO Sam Muller. ‘Ons uitgangspunt is de noden van burgers en hun organisaties. Wij doen als eerste stap onderzoek naar de zg ‘justice needs’ in landen. Een soort klantentevredenheidsonderzoek. In Jemen, waar we dat survey deden voor de oorlog uitbrak, bleek dat de meest voorkomende juridische problemen geschillen waren over consumentengoederen. Kort gezegd: telefoons, ijskasten en auto’s die het niet doen. Hiervoor konden mensen moeilijk recht halen. Maar dat was niet waar de juridische wereld zich op richtte. Je ziet uit die onderzoeken, die we ook deden in bijvoorbeeld Indonesië, Oeganda en Oekraïne, dat mensen daar moeten leven met relatief kleine, maar veel voorkomende onrechtvaardigheden in het leven. Heb je geen goede procedures voor dit soort geschillen, dan creëert dat, behalve instabiliteit, ook een enorme rem op economische groei. Wij geloven in innovatie als een manier om daar wat aan te doen. Niet van boven af het recht over mensen uitstorten, maar vanuit de noden van burgers, in slimme partnerships, innovatieve juridische procedures bedenken die echt helpen en duurzaam financierbaar zijn.’

Muller: ‘De rol van VenJ in dit soort innovaties is volgens mij drieledig. Ten eerste een agenda van prioriteiten stellen, voorzien van stippen op de horizon. Ten tweede, innovatieruimte creëren, o.a. door bij te dragen aan de financiële randvoorwaarden. Als laatste, goed de kwaliteit controleren van die innovaties.‘

Het is duidelijk dat een verkavelde overheid in de strijd voor internationaal recht en veiligheid aan het kortste eind trekt. We moeten institutionele barrières wegnemen. We moeten toe naar een wereld waarin fysieke veiligheid en cyberveiligheid niet meer onder verschillende diensten vallen. Waarin contraterrorisme en criminaliteitsbestrijding geen gescheiden terreinen meer zijn. En waarin landen toegang hebben tot elkaars rechtsstelsels om zo grensoverschrijdende geschillen op te lossen.

Elke aanpak, van bijvoorbeeld terroristische dreiging, vereist samenwerking op lokaal, nationaal en internationaal niveau. Bij elke terroristische dreiging blijkt weer hoe belangrijk het delen van informatie is. Er zijn op deze terreinen nog werelden te winnen.

Ook economische globalisering leidt tot nieuwe opgaven. Wereldomspannende verdienmodellen zoals Uber en Airbnb zijn niet altijd eenvoudig in te passen in onze nationale economisch-juridische ordening. Hoe geef je hieraan voldoende ruimte en vermijd je tegelijk dat er een soort internationale enclaves ontstaan?

Vraag 1

Hoe kunnen overheid en samenleving samenwerken om te voorkomen dat conflicten buiten Nederland hier leiden tot polarisatie?

Vraag 2

Welke nationale problemen moeten we nu juist internationaal oplossen?

Vraag 3

 Wat moet de rol zijn van VenJ in onze globaliserende wereld? Kunnen we als VenJ actief de rechtsstaat helpen bouwen in zwakke staten elders in de wereld? Of moet het anders? 

Na een carrière bij onder meer de VN en het Internationaal Strafhof, en ervaringen in voormalig Joegoslavië, het Midden-Oosten en Oeganda, richtte jurist Sam Muller in 2005 HiiL op. Doel: op internationale schaal innovatie in het juridische domein bewerkstelligen die de menselijke waardigheid en de rechtvaardigheid voor iedereen bevordert. HiiL werkt samen overheden, internationale bedrijven en ngo’s. Muller is ook actief in het World Economic Forum.